In tegenstelling tot de rest van Namibië zal de Zambezi Region je vakantie in Namibië opkleuren door de waterrijke en weelderig groene tropische natuur met een grote verscheidenheid aan boomsoorten.
Zambezi Region (voorheen Caprivistrook, Caprivistrip of kort de Caprivi) is één van de 14 bestuurlijke regio’s van Namibië en dankt zijn naam aan de Duitse rijkskanselier Leo van Caprivi. Hij ruilde in 1890 Zanzibar in tegen deze smalle strook en wilde deze rivierrijke strook (de vier rivieren Kwando, Linyanti, Chobe en de Zambezi stromen door dit gebied) bij het droge Namibië betrekken. In 2013 kreeg de Zambezi Region zijn nieuwe naam en zo werd er afstand gedaan van de oorspronkelijke koloniale naam.
De Zambezi Region of nog vaak Caprivistrook of kort Caprivi genoemd is uiterst noord oostelijk van Namibië gelegen en omvat het Bwabwata Nationaal Park, Nkasa Rupara Nationaal Park en Mudumu. Het is uitsluitend bij deze 3 natuurparken toegestaan om zonder ‘permit’ van de geasfalteerde weg af te gaan. De Zambezi Region grenst in het noorden aan Angola en Zambia en in het zuiden aan Botswana en is circa 400 kilometer lang (van Oost naar West) en tussen 30 en 100 kilometer breed (van Noord naar Zuid) .
Nkasa Rupara Nationaal Park (voorheen Mamili National Park en Nkasa Lupala Nationaal Park) ligt in het meest zuidelijke deel van de Zambezi Region en hier valt de meeste neerslag op jaarbasis. De twee grote eilanden Nkasa en Lupala die in het park liggen, zijn uitsluitend in het droge seizoen te bereiken. Met ruim 400 vogelsoorten en veel wild is dit minder toeristische park een parel in de Zambezi Region.
Mudumu is in het westen van de Zambezi Region gelegen en grenst in het westen aan de Kwando rivier. Het is een ruig en afgelegen gebied met bijzonder veel wild en vogels echter doordat het moeilijk bereikbaar is, wordt het weinig door toeristen bezocht.
Na flinke regenval loopt zo’n 30 % van de Zambezi Region onder water en is het vergelijkbaar met de Okavango Delta met zijn moerasgebied met uiterwaarden, riviertjes en weelderige tropische begroeiing.
De lokale bevolking, langs de hoofdweg passeer je hun vele kleine dorpjes, houdt samen met de regering het wild in stand en bestaan van de parken en hun bezoekers.
De Zambezi Region en zijn wildparken zijn niet omheind en bieden het wild hier uitstekende gelegenheid tot migratie in het seizoen. Met name grote kuddes olifanten migreren via deze strook tussen Botswana, Angola en Zambia. Het gehele waterrijke gebied trekt veel wild maar nog veel meer vogelsoorten zorgen hier voor een eerste klasse bestemming voor de vogelaar.